Jarige jet ‘rijdt over verkeersregelaar heen’ nadat dochter een klap uitdeelt

Bij het boodschappen doen voor haar verjaardag rijdt de Vlaardingse Lucia S. in Schiedam een verkeersregelaar ondersteboven. Naast haar in de auto zit haar dochter. Die heeft net een slaande ruzie gehad met een stratenmaker. Na 49 dagen in een cel verschijnt moeder Lucia S. voor de rechter.

De Laan van Bol’Es is op 9 juni dit jaar deels afgesloten. Op het kruispunt met de Churchilllaan staan verkeersregelaars met pylonnen banen aan te leggen om het verkeer om te leiden. Dit zorgt voor een file waarbij één van de rijbanen vol staat met auto’s, waaronder die van Lucia. “We staan daar al tien minuten te wachten terwijl de andere banen al mogen rijden”, terwijl ze terugdenkt aan 9 juni, haar verjaardag.

Het raampje gaat open en de dochter van Lucia, destijds nog 17 jaar oud, vraagt aan een verkeersregelaar hoelang ze nog moeten wachten. Niet de verkeersregelaar maar een stratenmaker reageert, vertelt Lucia enkele maanden laten in de rechtszaal. De stratenmaker scheldt haar dochter uit en na de woordenwisseling stapt de dochter uit de auto. Ze slaat de stratenmaker en stapt weer in de auto. Een verkeersregelaar zou volgens Lucia haar bedreigen en zeggen dat ‘ze gepakt zou worden’ en dat hij weet waar ze woont.

Maar daarna begint het probleem pas echt. Want bij het wegrijden schept Lucia een verkeersregelaar die haar een stopteken geeft. Volgens ooggetuigen belandt de man op haar motorkap en rijdt Lucia over zijn been. Ze rijdt door. Even later wordt ze op de parkeerplaats van de Lidl opgepakt.

‘Botsautootje’

In de rechtbank vertelt Lucia S. dat ze zich niet kan herinneren de verkeersregelaar te hebben aangereden. Het OM noemt het poging tot zware mishandeling en in de ten laste legging zelfs poging doodslag. Lucia blijft de aanrijding ontkennen. “Het kan zijn dat ik over zijn voet ben gereden, maar dat heb ik dan niet door gehad.”

Ze stelt niet hard te hebben gereden, want ze kwam uit stilstand en wilde invoegen. Haar advocaat zegt dat het onder de 30 kilometer per uur geen poging tot doodslag kan zijn. De ‘hoge toeren’ die getuigen hebben gehoord zouden te maken hebben met de slechte auto. Een oud wrak dat ze omschrijft als een ‘botsautootje’.

Een heel ander verhaal komt naar voren in de getuigenverklaringen. Een aantal collega’s van, de al dan niet aangereden, verkeersregelaar getuigen tegen Lucia. Allemaal hebben ze het zien gebeuren. Maar volgens Lucia S. is het een complot. Maar een getuige die geen collega is van de aangever heeft óók gezien hoe de man op haar motorkap belandde.

Weer twee andere verklaringen spelen ook een belangrijke rol in de zaak: enerzijds een arts die geen letsel kan vaststellen bij het mogelijke slachtoffer en anderzijds de agenten die Lucia S. hebben gearresteerd. Na de arrestatie zou ze tegen haar dochter ‘Had hij maar aan de kant moeten gaan’ en ‘die kale kom ik nog wel tegen’ hebben gezegd. Volgens Lucia is ze verkeerd verstaan en zou ze in een ‘zigeunertaal’ met haar dochter hebben gesproken die naast haar in het politiebusje zat. Dat de politie onder eed iets aflegt wat verkeerd is verstaan noemt het OM ‘onwaarschijnlijk’.

‘Als ik hem heb aangereden moet ik er voor boeten’

Lucia S. zit met tranen in haar ogen in de rechtbank. Ze vindt het vreselijk dat ze in hechtenis was bij de 18e verjaardag van haar dochter. Ze vindt het ook vervelend dat haar wordt verweten dat ze iemand heeft aangereden, want daar weet ze niks van af. “Als ik hem heb aangereden moet ik er voor boeten. Maar het moet wel eerlijk zijn.”

Het OM gaat niet mee in haar onschuld. Ze rakelen op wat de aangever van de misdaad nu meemaakt. De verkeersregelaar, die geen schadevergoeding eist, leeft nu naar eigen zeggen met mentale problemen. Hij durft niet meer te werken en is bang voor verkeer. Hij leeft met paniekaanvallen en stemmingswisselingen. Hij is antisociaal geworden door de traumatische ervaring van 9 juni.

Het OM blijft erbij dat Lucia willens en wetens op de verkeersregelaar is afgereden. Ze bevinden haar schuldig aan ‘poging zware mishandeling’ en het ‘doorrijden na een aanrijding’. Omdat de verdachte al 49 dagen in hechtenis is geweest eist het OM een voorwaardelijke straf van nog 40 dagen cel en een ontzegging van de rijbevoegdheid voor drie maanden. Beiden voorwaardelijke straffen met een proeftijd van twee jaar, in de hoop dat Lucia, die al een strafblad heeft in verband met meerdere winkeldiestallen, niet weer de fout in gaat achter het stuur.